De lessen van Darwin

Charles Darwin

We weten dat het begrip ‘resilience’ niet van vandaag of gisteren is. Charles Darwin gebruikte het in 1859 bij zijn beschrijving van de kernprocessen van natuurlijke selectie, later door Herbert Spencer samengevat en geduid als het mechanisme ‘survival of the fittest’. Met andere woorden, de soort die zich het best kan aanpassen aan de omstandigheden overleeft en gaat door naar de volgende generatie (ronde). Is dat het in haar essentie? En geldt dat ook voor steden? Met andere woorden: de stad die zich weet aan te passen aan de omstandigheden overleeft. Of is er meer?

In elk geval is resilience anno 2018, bijna 170 jaar na de publicatie van de The Origin of Species, een zoemwoord. Modieus ook. Het is geleend vanuit het Engels. Wat is de Nederlandse betekenis eigenlijk? Ik zie veel van mijn collega’s hun schouders ophalen als ik informeer naar de betekenis ervan. Bij die vraag komt er meestal een veelvoud aan antwoorden: weerstand, weerstandsvermogen, veerkracht, wendbaarheid en robuustheid zijn het meest gehoord. Maar vaak komt er ook een vragende blik of gaan de wenkbrauwen omhoog.

Wat je er precies mee kunt in de dagdagelijkse praktijk van besturen en managen is voor velen nog onduidelijk. Het begrip vliegt hoog over. Hoewel Den Haag en Rotterdam er hard aan werken om denken in resilience van de grond te krijgen. Dat is knap. Het concept en de toepassing voor de besturing van de stad is nog uitdagend. Programmasturing, dat in elk geval, maar het is meer, veel meer. Dat een andere manier is van denken, dat is wel duidelijk. Maar voor het hoe of wat is in de huidige bestuurskunde nog niet veel ruimte, laat staan binnen raden en besturen. Toch is er de krachtige notie van de noodaak om in meer samenhang te gaan sturen, het belang van strategie, scenario’s, lange lijnen, samenwerking in ketens, de waarde van crisis- en rampenmanagement als onderdeel van het geheel, van integraal, betrokken en afgestemd. Maar resilience blijft een containerbegrip voor velen en gaan er nog maar weinig echte lampjes branden.